Een actieplan!

Diegenen die deze blog een beetje volgen, hebben het al een tijdje in de gaten: ik loop de laatste tijd niet bepaald over van energie. Integendeel. Daar zijn verschillende redenen voor, de voornaamste het feit dat er hier in huis nog maar weinig sprake is van een deftige nachtrust. Ik kan daar nog eindeloos over doorgaan, en mezelf blijven focussen op al die vermoeidheid. Maar dat wil ik niet, en dus heb ik een plan. Want die vermoeidheid zorgt uiteraard voor zin in slaap, maar zorgt er vooral ongewild ook voor dat mijn levensstijl in het algemeen minder gezond wordt: er wordt wat meer gesnoept (suiker als snelle energieboost!), er wordt minder energie gestoken in gezond koken (takeaway.be is soms echt wel een zalige uitvinding) en ik ben minder snel geneigd om te gaan wandelen en te bewegen. En waar ik de continuïteit van mijn nachtrust niet echt in handen heb (die eer is voor de dochter), heb ik die minder goede levensstijl-gevolgen wèl in de hand. En dus ga ik die aanpakken. Ik maak er een nieuw project van. Eentje waarvoor ik nog geen flitsende naam heb bedacht, maar dat wel gaat werken. Hoop ik.

Nu ben ik ook niet naïef. Ik weet dat het moeilijk is om alles ineens te veranderen, en ik weet dat vermoeidheid een effect heeft op je wilskracht en het vermogen om zulke zaken vol te houden. Mijn studies psychologie hebben me toch nog iets bijgebracht 🙂 En dus ga ik het stap voor stap aanpakken. Telkens 1 aspect veranderen, en dat ene aspect enkele weken volhouden tot het een nieuwe gewoonte is en geen energie meer kost. En dan overstappen naar het volgende. Het zal dus niet zo snel gaan, maar het resultaat zou duurzamer moeten zijn, ahum. We zullen zien.

Het blijkt wel uit onderzoek dat het ook helpt om een concreet doel voor ogen te houden. Mijn doel is meer energie hebben, maar dat is niet concreet genoeg geformuleerd. Als ik mijn doel echt als motivatie wil zien, moet het een concreet tijdstip en een concreet resultaat bevatten. Moeilijk, want ik weet dat niet onmiddellijk. Ik ga dus verschillende “subdoelen” maken, per domein dat ik ga aanpakken. Dat lijkt mij realistischer. Stap voor stap…

Stap 1 heb ik al: ik ben er namelijk door de dokter op gewezen dat ik meer moet drinken. Niet alleen nu in de warmte, maar in het algemeen. Vroeger voor mij een evidentie, maar sinds ik mama ben vergeet ik dat precies regelmatig. En als ik dorst heb, grijp ik gemakkelijk naar frisdrank, omdat die nu eenmaal sneller energie geven. Maar op termijn is dat natuurlijk geen oplossing. Dus is mijn doel voor de komende weken: elke dag minstens 1,5 à 2 liter water drinken, maximum 2 tassen koffie (want dat droogt uit), en maximum 1 frisdrank per dag. Dat lijkt mij realistisch voor nu en goed om mee te beginnen.

Later zal ik mijn doelen ambitieuzer maken: minder snoepen maar gezonde alternatieven zoeken, zoeken naar snelle en toch gezonde maaltijden om na een lange werkdag op tafel te toveren, elke dag voldoende bewegen en in overleg met de kinesist terug de stap zetten naar beginnen joggen om de conditie op te bouwen, het is maar een deel van wat ik wil (en hopelijk zal) bereiken. Maar zoals gezegd, stap voor stap. En hoe zeggen ze dat? Juist ja. Eerst water, de rest komt later 🙂

Elk nadeel heeft zijn voordeel (of zoiets)

Man man, wat een week is dat weeral geweest… Een paar drukke opleidingsdagen, gevolgd door een pak stress op het werk, om af te ronden met een virale darminfectie en dus heel het weekend uitgeteld op de zetel liggen, gevolgd door nu nog 2 dagen verplicht uitzieken. Het enige voordeel? Dat ik nu rustig even tijd heb om nog wat te bloggen 🙂

Want ondertussen is het ook al 19 maart, wat wil zeggen dat we al dag 19 zijn van onze dagen zonder suiker. Ik moet eerlijk toegeven dat ik een paar keer gefaald heb. Maar (ik moet mezelf toch een beetje goedpraten), niet zonder in mijn ogen goede reden:
– vorige week donderdag ben ik gaan muurklimmen. En dan komt een klontje druivensuiker zo halverwege toch echt wel van pas
– afgelopen weekend lag ik dus plat met mijn darminfectie. En dan was thee met suiker (veel suiker) en een blikje cola zowat het enige dat ik binnenkreeg en mij toch nog een beetje op de been hield

Al bij al vind ik dus dat we de uitdaging goed volhouden. Het kost mij ook steeds minder moeite om van suikerrijke zaken af te blijven. Blijkt dat het dus toch echt klopt, dat dat allemaal een groot deel kwestie van gewoonte is. Nog 11 dagen te gaan, maar ik ben vastberaden om ook daarna niet onmiddellijk terug volop in de suiker te vliegen.
Ook qua gewicht (mijn gevecht tegen die zwangerschapskilo’s, remember) is het een goede zaak, al durf ik dat niet volledig aan het mijden van de suikers te wijten. 2x op 3 weken tijd een serieuze (maag-)darminfectie, dat heeft ook zo zijn gevolgen. Dit weekend kreeg ik amper iets binnen. Bijkomen doe je dan uiteraard niet, integendeel.
En laat ons duidelijk zijn: mijn doel van deze actie is niet zozeer om gewicht te verliezen (al ga ik niet ontkennen dat ik dat mooi meegenomen vind), maar vooral om wat meer energie te hebben en wat gezonder te leven.

Zoals ik eerder ook al heb aangehaald, heb ik dit weekend trouwens nog maar eens gemerkt hoe anders ziek zijn is als mama dan zonder kinderen. Mijn partner heeft zich dan wel ontpopt tot de ideale huisman dit weekend (op geen enkel ander weekend was er op zondagavond zoveel werk verzet), maar echt onbezorgd uitzieken kan je toch niet. Er moesten namelijk boodschappen gedaan worden, kleren gewassen, … en ik was niet in staat om alleen bij ons meisje te blijven. Ik kon amper op mijn benen staan, laat staan met een dochter van 10kg op de arm rondlopen.
Schuldgevoel? Check!
Gelukkig kon ons meisje even een paar uurtjes bij mijn ouders terecht, zodat ik even kon uitzieken en mijn vriend bijvoorbeeld rustig naar de winkel kon. En gisterenavond kon ik alweer even bij mijn meisje op de speelmat zitten en haar ’s avonds rustig een papje geven. En zo was mijn “ik ben de slechtste mama ter wereld want ik kan niet voor mijn dochter zorgen”-bui ook weer voorbij. Het was een fase, of hoe zeggen ze dat?

Ons meisje, sinds gisteren 10 maanden jong, begint meer en meer echte karaktertrekjes te vertonen.
In de crèche is ze superbraaf, maar als ze honger heeft en een ander kindje eten krijgt voor haar, is het kot te klein (dat heeft ze van de mama, blijkbaar…)
Als ze haar fles beu is, neemt ze zelf haar tut en steekt die in de plaats in de mond. Maar denk je dan dat ze de fles niet meer in haar buurt wil, blijkt dat ook fout te zijn. Wegnemen van de fles staat gelijk aan groot alarm. Remedie: fles geven om nog wat mee te spelen, en tot mijn verbazing blijkt die dan 5min later vaak leeggetutterd te zijn terwijl ze op het verzorgingskussen wordt omgekleed. Ik zou zoiets niet praktisch vinden (je moet eens proberen een fles leeg te drinken terwijl iemand je een andere broek aandoet), maar als de baby er gelukkig mee is, zullen we dat maar aanvaarden zeker?
De fase van “verlatingsangst” begint ook zo stilaan door te breken. Vorige week hebben we ze de eerste keer wenend moeten achterlaten in de crèche. Groot alarm, ze wou mij absoluut niet loslaten. Mijn moederhart brak in duizend stukjes, en ook van dat van mijn vriend (die er bij stond bij het hele gebeuren) bleef duidelijk niet veel over. Gelukkig zagen we ze enkele minuten later alweer vrolijk op de grond zitten toen we de auto hadden gedraaid en terug voorbij reden. Het klopt dus toch, als ze zeggen dat het geween stopt zodra mama / papa uit het zicht is. Oef. Terug een klein stukje van het moederhart geheeld :-). Volgende ochtend was er ook weer geen vuiltje aan de lucht toen we ze gingen afzetten. Dus dat moederhart, dat komt wel weer in orde.
’s Avonds in slaap vallen begint af en toe ook met het nodige drama gepaard te gaan. Gisteren was ze bijvoorbeeld zichtbaar doodmoe, maar wou ze niet slapen. Ze vond het een beter idee om te beginnen kruipen in haar bed, om dan nadien te beginnen wenen omdat ze niet meer kon gaan liggen (of course). Toen ik haar terug had ondergestopt zag ze er zeer rustig uit, tot ik de deur van de kamer dichttrok. Opnieuw groot alarm. Vanaf het moment dat ik 1 voet binnenzette, was ze terug kalm. We hebben dan maar geconcludeerd om ze even te laten doen (kwestie van het spelletje niet aan te moedigen), en hebben haar laten zagen. Een kwartier heeft het geduurd. Je hoorde aan haar schreeuw dat er niet echt iets mis was, maar dat ze gezelschap miste. We hebben allebei van ons hart een steen moeten maken, maar na dat kwartier is ze rustig in slaap gevallen. Dat hebben we dus ook weeral geleerd…

Ik ben nu al benieuwd naar wat het volgende lesje gaat zijn dat ons meisje ons gaat leren 😉

Over slapen… of net niet

Vorige week waren we bij de huisarts. Toen zowel ik als mijn vriend aangaven dat we serieus vermoeid zijn, kregen we (kort samengevat) de nogal botte reactie dat dat nu eenmaal bij het leven met jonge kindjes hoort, en dat we eigenlijk geen reden tot klagen hebben. Bam. Tot zover de empathie. Nochtans tot hiertoe nog nooit te klagen gehad op dat vlak van de huisarts, maar nu was dat dus even anders.

Ik weet ook wel dat wij moeilijk kunnen zeggen dat we een slechte slaper hebben met ons dochtertje. Ze ligt om ten laatste 19u in bed en in theorie slaapt ze door tot 6u ’s morgens. 11u rust dus. Zou je denken.
In de praktijk bedoelen we met “doorslapen” dat ze meestal ’s nachts geen eten nodig heeft. Niet dat ze ’s nachts niet wakker wordt. Op een paar uitzonderlijke nachten na, staan we meestal elke nacht 3 à 4 keer op om even haar tutje terug te geven. Veel is er dan niet aan de hand: ze wordt gewoon schreeuwend wakker, en het teruggeven van het tutje is als een slaappil: meestal valt ze onmiddellijk terug in slaap. En als ze zelf niet terug in slaap geraakt, halen we de muziekbeer boven (van den Aldi, beste 10 euro ooit 😉 ) en lukt het op die manier meestal wel.

Maar waar ons meisje altijd (meestal) snel terug in slaap valt, is dat voor mama en papa meestal moeilijker. Want eenmaal je slaap onderbroken is, duurt het toch altijd even voor je terug in slaap geraakt. Om dan een paar uur laten opnieuw uit je slaap te worden gehaald. En nog eens. En als je pech hebt, nog eens… We wisselen dan wel af betreft het opstaan (de ene nacht sta ik op, de andere nacht mijn vriend), maar als de baby weent zijn we meestal toch allebei wakker. “Tutjeswacht” of niet.

Daarbij heeft ons meisje soms de neiging om al rond 5u ’s morgens wakker te worden. Of misschien 5u20, maar voor mij is dat hetzelfde. Zolang het geen 6u gepasseerd is, ben ik mentaal nog niet klaar om aan mijn dag te beginnen. En dan moet je weten dat ik een ochtendmens ben in vergelijking met mijn vriend. Om maar te zeggen: hoe schattig ik ons meisje ook vind, en hoe leuk het ook is om haar ’s morgens lachend te horen wakker worden, voor 6u ’s morgens is dat allemaal een pak minder schattig.

Het helpt ook niet dat het einde van de winter nadert: een lange periode van donkere dagen en een continue aanvoer van verkoudheid – en andere virussen, het doet wat met een mens….

Wat mijn punt eigenlijk is: objectief gezien halen wij misschien wel het aantal uren slaap dat iemand nodig heeft om goed te functioneren. En ik weet heus wel dat er mensen zijn die slechtere nachten hebben, om welke reden ook. Maar ik geloof niet dat dat de enige maatstaf is. Het gaat er niet om of je moe “kan” zijn in zo een situatie. Die grens ligt voor iedereen anders? En dat we moe zijn, dat staat vast. Ons ritme wordt erdoor bepaald. We staan vroeg op, maar meestal liggen we in ons bed als de klok 21u slaat. Doodop.Vind ik dat erg? Nee, het is een andere levensstijl, en ik geraak er aan gewend. Maar zou ik graag terug wat meer energie hebben? Yes please!

Ik kan u wel zeggen: waar ik vroeger soms een uur nodig had om de slaap te vatten, lukt dat nu op maximum 10min. Er zijn dus ook positieve kanten!

30 dagen zonder suiker… dag 3

Hoe kan je geraffineerde suikers bannen in een maatschappij die de consumptie ervan alleen maar aanmoedigt?

We zijn intussen 3 maart, wat wil zeggen dat we aan dag 3 zitten van onze dagen zonder suiker. En ik ben trots om te zeggen dat ik nog niet heb gefaald! Maar het is mij wel opgevallen hoe hard al die geraffineerde suikers zijn ingebakken in onze maatschappij. Eigenlijk snoep je een hele dag zonder erbij stil te staan. Koffietje kopen voor onderweg? Koekje erbij! Koffiepauze op het werk? Koekje erbij! Een klein hongertje ’s middags en zelf niks voorzien? Je kan naar de snoepautomaat gaan, maar ook daar zijn geen gezonde dingen terug te vinden. Ik zelf was tijdens de koffiepauze op het werk al mijn speculoosje aan het uitpakken zonder erbij stil te staan. Gelukkig had ik het net op tijd door, en wou mijn collega zich met plezier opofferen 😉

Gelukkig bestaan er ook lekkere alternatieven, al moet je daar soms wat achter zoeken. Ik neem nu wat fruit mee naar het werk. Of in de natuurwinkel koop ik een reep pure chocolade (niet van de “gewone” pure chocolade van Cote d’Or, maar echte pure, met 85% cacao en geen suiker toegevoegd). En daar waar ik anders moeite had om mij te beperken tot 1 reepje chocolade, valt mij op dat ik van die ‘echte’ chocolade na een klein stukje al genoeg heb.
Om maar even te zeggen hoe verslavend de andere versies zijn, door de combinaties van suiker en vet.

Het enige nadeel (en ook meteen de reden dat een levensstijl zonder geraffineerde suikers voor bijna niemand echt haalbaar is): die gezonde alternatieven kosten handenvol geld. Voor een paar euro heb je in de supermarkt een gigantische hoeveelheid chocolade, maar de gezondere versie van in de natuurwinkel kost al snel 2 euro voor 1 kleine reep. Diepvriesmaaltijden, kant – en klaarproducten, snacks, koekjes, …. de goedkoopste versies zijn meestal diegenen die het meest suiker en vet bevatten. Wil je de “gezondere” variant, betaal je 3x zoveel.
De overheid kan mensen nog zoveel aansporen om gezonder te eten, en blijven hameren op het feit dat teveel suikers en vetten ongezond zijn, maar zolang de prijzen niet veranderen, gaat er geen grondige verandering mogelijk zijn in het voedingspatroon van de mensen. Want wie geen geld op overschot heeft (en laat ons eerlijk zijn, bij de meerderheid is dat het geval), kan het zich niet permitteren om zijn voedingsgewoontes ten gronde te veranderen. Misschien is daar dus toch nog wat werk aan de winkel.

 

Maar we eindigen positief: voorlopig houdt onze uitdaging nog stand! Nog 27 dagen te gaan 🙂

30 dagen zonder….. suiker!

40 dagen zonder vlees, tournée minerale, 30 dagen zonder klagen… Het lijkt de laatste tijd wel mode om regelmatig jezelf eens uit te dagen om een maand lang iets te bannen waar je van weet dat het niet goed is voor je gezondheid (fysiek of mentaal). Omdat wij al 80% veggie eten gedurende het hele jaar, maximum 1 keer per maand eens wat alcohol drinken, en sowieso proberen een positieve instelling te handhaven, hebben mijn vriend en ik een nieuwe uitdaging gezocht die op ons lijf geschreven is: in maart leven we 1 maand zonder suiker.

Als jonge ouders kom je bijna standaard energie tekort. Het is dan zeer verleidelijk om je op allerlei zoetigheden te storten om even een rush van energie te voelen. Uiteraard sta je er op het moment zelf niet bij stil dat je je nadien daardoor extra slecht voelt. Meestal is die dip gewoon de aanleiding om opnieuw aan het snoepen te gaan.

En dat gaan we proberen tegen te gaan door 1 maand alle snoep en frisdrank te bannen en opnieuw te gaan voor een gezondere levensstijl. Hopelijk uiteraard met ook een iets lager cijfer op de weegschaal op het einde van de maand.

Wie doet er mee?