Project school en project rijbewijs

Project school?

Vanmorgen, toen ik op de terugweg was van de crèche, kwam ik voorbij de kleuterschool, waar het een komen en gaan was van ouders en kindjes. Het was 8u10, dus de schoolspits was in volle gang. En ineens besefte ik: binnen iets meer dan een jaar loopt ons meisje daar ook rond. Dan staan de papa en ik ook ’s morgens aan de schoolpoort. Oké, dat is natuurlijk nog een jaar. Dat is gigantisch lang. Maar langs de andere kant: als ik bedenk dat Elise ondertussen al anderhalf jaar bij ons is (op een paar dagen na) en hoe snel die tijd voorbij is gevlogen, kan ik niet anders dan even slikken: het gaat er sneller zijn dan we denken!

De laatste weken is het ook ongelooflijk om te zien wat Elise weer allemaal heeft bijgeleerd. Ze leert bijna elke dag wel een nieuw woordje, en lijkt zowat alles te begrijpen wat we haar proberen uitleggen. Ze begint flink haar speelgoed op te ruimen als we erachter vragen (en een beetje meehelpen), eet bijna zonder hulp haar yoghurtje op (weliswaar met een beetje gesmos), en lacht uitbundig als er in de Bumba-aflevering van die dag iets grappigs gebeurt. Ze komt spontaan (en heel enthousiast) knuffels geven op de meest onverwachte momenten, maar laat even goed merken wanneer ze daar geen zin in heeft. Kortom: we kunnen hoe langer hoe meer communiceren met onze kleine meid. En dat is zalig. Maar ook een beetje beangstigend, want ik heb soms toch echt het gevoel dat ik het allemaal niet kan bijhouden. *snif*

Project rijbewijs

En in al die drukke tijden is de mama intussen aan een nieuw project begonnen. Het is te zeggen: eerder de reprise van een oud project dat al enkele keren in de vuilbak is beland. Ik ga opnieuw proberen mijn rijbewijs te halen. Vrijdag 14 december ga ik mijn theoretisch examen afleggen, zodat 2019 in het teken kan staan van het behalen van mijn definitief rijbewijs. Niet zo moeilijk zou je denken, en waarschijnlijk vind je het zelfs vreemd dat iemand van 31 jaar nog zonder rijbewijs rondloopt. Maar het is niet dat ik niet heb geprobeerd. Integendeel, dit wordt de derde keer (en dus hopelijk de goede). Die theorie, dat is allemaal niks. Ik heb daar al 2 keer de maximumscore gehaald, dus falen is op dat vlak geen optie. En ik ben objectief ook volledig er van overtuigd dat ik mijn rijbewijs moet halen. Al is het maar om te zorgen dat ik kan ingrijpen als er iets is met Elise of met de papa. En om af en toe ook eens zelf naar de winkel te kunnen rijden, of te kunnen gaan shoppen. Rationeel gezien ben ik helemaal mee. Maar ik heb rijangst. En geen klein beetje. Elke vezel in mijn lijf schreeuwt eigenlijk uit dat ik niet gemaakt ben om achter het stuur te zitten. Meerdere (spreekwoordelijke) stemmetjes in mijn hoofd fluisteren constant dat ik niet in staat zal zijn om controle te hebben over die auto, om nog maar te zwijgen van andere chauffeurs die onverwachte manoeuvres kunnen doen. Je snapt het, diegene die mijn rijlessen gaat begeleiden (niet mijn partner deze keer, ik wil onze relatie niet op het spel zetten), die zal weten wat te doen. Maar goed, er zullen nog wel zo een mensen geweest zijn in de geschiedenis zeker? Ik ben in elk geval optimistisch (voorzichtig). Dus bij deze zal ik mijn theorieboek nog eens bij de hand nemen 😉

Wordt vervolgd!

Over dagjes uit, vrije tijd en werk….

Onze eerste selfie als gezin op uitstap 🙂

Vorige week was het eindelijk zover: we gingen de eerste keer een dagje uit als gezinnetje. Een dagje Planckendael stond op het programma, samen met de schoonfamilie.

De dagen ervoor werd onze stressbestendigheid danig op de proef gesteld. Elise was donderdag wakker geworden met 39°C koorts. Diagnose: luchtweginfectie. Remedie: uitzieken. Hopelijk dus niet te lang, zodat ons uitstapje ging kunnen doorgaan.
Vrijdagochtend: nog steeds koorts. Stressniveau: in stijgende lijn.
Vrijdagnamiddag: koorts voorbij. Stressniveau: dalend.
Vrijdagavond: ondertemperatuur (34,9°C) en een onrustige baby die niet in slaap geraakt. Stressniveau dus weer de hoogte in. Ons meisje heeft de gewoonte ontwikkeld om na een periode van koorts nog 1 of 2 dagen het andere uiterste op te gaan. Een beetje moeite om haar temperatuurhuishouding terug in orde te krijgen, meer niet. Maar het houdt wel in dat ze gedurende die tijd voornamelijk problemen heeft om in slaap te geraken. Enige remedie: veel extra laagjes aantrekken, kersenpitkussentje bij in bed en een extra dekentje. En een dikke knuffel uiteraard. Maar soit, ideaal om op uitstap te gaan in de toch nog niet zo warme buitenlucht is dat allemaal niet. We moesten dus nog afwachten.
Zaterdagavond: nog steeds lage temperatuur, maar wel een vrolijke baby.
Zondagochtend: de thermometer klimt tot 36,5°C. Hallelujah! Wij dus de auto in en met een relatief gerust hart op naar Planckendael 🙂

Om Elise zoveel mogelijk te kunnen laten meegenieten van alle taferelen, hebben we ze in een draagrugzak rondgedragen. Het mag gezegd: dit is één van onze beste aankopen ooit. Het meedragen van 10kg baby gaat verrassend vlot (zelfs voor een mama die toch nog steeds niet over de sterkte rug beschikt) en de wereld is voor Elise ineens een pak groter dan vanuit de kinderwagen. Ze heeft haar hartje opgehaald met rondkijken, genieten van het zonnetje, en vooral zwaaien naar alles en iedereen, inclusief de diertjes.
We hadden ook de kinderwagen meegenomen, zodat ze geen hele dag zou moeten rechtzitten en tussendoor even een dutje zou kunnen doen. En zogezegd, zo gedaan. Het bleek voor ons meisje het ideale scenario.

Zwaaien naar de girafjes!

 

Gezellig bij mama in de rugzak

 

Genieten!

 

De dag verliep dan ook bijzonder vlot. Samen met bijna de volledige schoonfamilie was het een dagje genieten van het zonnetje en de buitenlucht. En het bleek bovendien de perfecte remedie tegen eventuele problemen met de omschakeling naar het zomeruur: ons meisje was zo kapot van alle avonturen, dat ze braaf om 18u30 in bed ging en ze fantastisch goed heeft geslapen tot de volgende ochtend 6u15. Perfect terug op schema dus. Dat euvel is ook weer ineens verholpen…

Maandag werd het lentegevoel nog een dagje verlengd met een dagje verlof, en dinsdag was het weer back to reality. Terug aan het werk. Voor 1 dag, want vandaag zit ik alweer thuis met ouderschapsverlof. Je zal denken: dat klinkt niet slecht, zoveel verlof. Lekker thuis zitten. Maar in de realiteit begint dat zo zijn nadelen te vertonen. Ik doe mijn job heel graag en wil die zo goed mogelijk doen. Maar ik heb een leidinggevende functie, en blijkt dat dat niet zo evident is om in een 4/5 regime vol te houden. Het werk dat erbij komt kijken, mindert namelijk niet als je minder gaat werken. Eigenlijk komt het erop neer dat ik een voltijdse job probeer te doen om 4 dagen tijd. En ik begin de laatste tijd meer en meer te beseffen dat dat allemaal niet haalbaar is om vol te houden. Ik voel mij tekortschieten als baas, als werknemer, en voel mij niet ontspannen op mijn vrije dagen (omdat ik weet welk werk mij nog te wachten staat) waardoor ik ook als mama niet het gevoel heb “goed genoeg” te zijn.
Tijd om in te grijpen dus. Ik heb overlegd met mijn partner en met mijn werkgever, en heb het besluit genomen om terug voltijds aan het werk te gaan. Wat voor buitenstaanders misschien heel onlogisch lijkt, is voor mij de enige manier om wat meer rust te vinden. En ja, natuurlijk ga ik die dagen die ik alleen met mijn dochter kan doorbrengen missen. Maar ik ga mij minder verscheurd voelen: nu heb ik het gevoel om zowel op werkvlak als op privévlak niets 100% goed te kunnen aanpakken. Als ik terug voltijds werk moet ons meisje weliswaar een dag extra naar de opvang (waar ze supergelukkig is trouwens, dus dat komt helemaal goed), maar ik ga de tijd hebben om mijn werk allemaal rond te krijgen, zodat ik thuis ook echt fysiek en mentaal aanwezig ga kunnen zijn. En ik ben er van overtuigd dat dat mij een betere mama kan maken.

Ik ben benieuwd hoe het gaat uitdraaien, maar voel mij in elk geval al opgelucht nu de knoop is doorgehakt.
En ik een volgende post zal ik zeker laten weten of ik nog steeds achter mijn beslissing sta 🙂

De eerste reis

Afgelopen weekend was het zover: we zouden voor de eerste keer op reis gaan met onze kleine meid (inmiddels toch ook al bijna 9 maanden oud). 1 woord om de voorbereiding samen te vatten: STRESS!

De bestemming was een huisje in de Ardennen, waar we samen met mijn schoonfamilie de 30ste verjaardag van mijn schoonzus gingen vieren. Ik had een uitgebreide checklist gemaakt met alle items die we moesten meenemen (1 klein koffertje voor onszelf, de rest van de auto zou gevuld zijn met babymateriaal). We gingen dit vrijdagvoormiddag allemaal bij elkaar zoeken en dan rustig na de fruitpap van de dochter vertrekken, zo rond 14u… Een planning waar weinig mee kon fout lopen…
Tot we het weerbericht in de gaten kregen. Er werd een sneeuwzone aangekondigd. En in het binnenland zou de sneeuw beginnen vallen om (je raadt het al) 14u… Het dorpje waar we naartoe zouden gaan is niet bepaald gelegen naast de autostrade, en besneeuwde hellingen proberen op rijden leek ons geen ideale start van de vakantie. En dus werd de planning aangepast: donderdagavond een speedsessie inpakken georganiseerd, en vrijdag om 10u30 zaten we in de auto op weg naar onze bestemming.

Het was de eerste keer dat ons meisje zo lang in de auto zou zitten: 1u was tot hiertoe haar maximum, en nu zouden we een rit maken van 3u. In plaats van tussenstops te plannen, besloten we gewoon het erop te wagen en af te wachten hoe ons kleintje het zou doen. En dat bleek mee te vallen: er was een kleine dramasessie juist voor een wegparking, en die sessie bleek snel opgelost na een pamperwissel (op het geïmproviseerde verzorgingskussen in de auto, zijnde de passagierszetel). Daarna werd er nog wat geslapen, en enkel het laatste half uur was lastig (maar dat bleek vooral aan de honger te liggen). 3u na vertrek stonden we zonder wegproblemen op onze bestemming en kon het volgende stresspunt zich aandienen: onze dochter is namelijk gewend om rustig op haar eigen kamer te slapen. Nu moest ze bij mama en papa op de kamer, en op enkele meters van de living waar er ’s avonds nog rustig gekeuveld werd. Bovendien lag haar jongste nichtje (er zit maar 3 weken leeftijdsverschil tussen) in de kamer ernaast, en zat er in de praktijk 10cm en 1 gyproc muurtje tussen de 2 baby’s. Of ze goed zou kunnen slapen in al dat lawaai, was dus nog maar de vraag.
Maar onze vrees bleek onterecht: onze dochter sliep als een roos. Haar eigen kroelknuffeltjes waren mee, ze had haar vertrouwde slaapzak, en mama en papa vlakbij. Meer bleek niet nodig te zijn. Ook overdag werd er flink geslapen. Ze heeft genoten van wandelingen in de Ardense buitenlucht, en was in haar nopjes als ze met iedereen mee aan tafel kon zitten. Met andere woorden: ze deed dat voorbeeldig.

De terugreis werd dus met veel minder stress aangevat dan de heenreis. En opnieuw terecht. Hoewel ik volgende keer de autorit liefst minstens 30min minder lang zou willen maken, durf ik zeggen dat ons meisje dat goed heeft gedaan. Zo goed, dat we zelfs al durven nadenken over een nieuwe vakantie. De bestemming? Die laten we nog even in het midden. 😉

Work – life (un)balance

“geef jezelf tijd, zeg ik tegen mezelf…”

 

Ik ben sinds een zestal weken terug aan het werk. Na 4 volle maanden pure moeder-dochter tijd, is het sinds 6 weken constant plannen, passen en meten om alles een beetje op elkaar af te stemmen. Dochter afzetten bij de kinderopvang of de grootouders, thuiskomen van het werk en proberen nog een gezonde maaltijd tevoorschijn te toveren, elke avond dezelfde cirkel van flesjes steriliseren, wassen, tas maken voor de volgende dag…

Ik wist dat het vermoeiend ging zijn. Maar dat was een onderschatting. Het is bij momenten gewoon uitputtend. Mijn vrije dag elke week is meestal gewoon nodig om het huishouden rond te krijgen. Of om voor de dochter te zorgen die weer eens ziek is. Of voor mezelf om naar de nog steeds broodnodige kinesitherapie te gaan. Rust? Een uurtje is al een overwinning.
De weekends zijn soms iets beter. Maar elke keer is er de druk om alles rond te hebben voor de baby: propere kleertjes klaar, propere tetradoeken (wie dacht dat je daar zoveel van bijeen kon krijgen?), water, melkpoeder,…. De molen stopt nooit.
Iedereen heeft het altijd over de fameuze work-life balance.
Wel, ik zoek die nog steeds. Geef jezelf tijd, zeg ik dan tegen mezelf. 6 weken is nog zo kort om al een goede routine te hebben en weer gewend te zijn aan het werkleven. Ook al lijkt mijn bevallingsrust al veel langer geleden dan dat. Een vage herinnering aan een zalige tijd.
Als er iemand de work-life balance al gevonden heeft, mij mag je altijd de weg wijzen… 🙂