Een kleine terugblik

Gisteren was het officieel 1 jaar geleden dat onze kleine meid het levenslicht zag. 1 jaar. Niet veel als je het bekijkt op een heel mensenleven, en toch is er weinig dat nog hetzelfde is gebleven. Onze wereld onderging een gigantische verandering. Een kleine terugblik…

18 mei 2017, 2u30. Na een verrassend snelle en heftige bevalling komt ons klein meisje tevoorschijn. Daar waar ik enkele minuten ervoor nog serieus aan het vloeken was, begreep ik op het moment dat de vroedvrouwen Elise op mijn buik legden, exact alle clichés die ik daarvoor nog aan het weglachen was. Ja, op het moment dat je baby er is, vergeet je even alle miserie. Op het moment dat die baby de eerste keer in je armen ligt, weet je pas echt wat liefde is. Op het moment dat die baby er is, vind je plots dat alles echt wel de moeite waard is geweest. Moederliefde, heet dat dan. Een concept dat je pas begrijpt als je het zelf hebt meegemaakt, dat was onmiddellijk duidelijk.

18 mei 2017, 4u. Er werd geprobeerd om mij te verhuizen naar onze kamer op de materniteit. Op de benen staan bleek fysiek onmogelijk. Ik had een serieuze bloeddrukval van zodra ik probeerde recht te staan. Dus werden er vereende krachten gebruikt om mij gewoon in een bed te leggen en op die manier naar de kamer te verhuizen. Een beetje later waren we op onze plek, en kon mijn vriend Elise haar eerste flesje geven. Een eer die ik hem met plezier gunde. Ik zag nog steeds vlekjes voor mijn ogen, dus een baby voeden leek mij een onmogelijke opdracht…

18 mei 2017, 6u. Probleem. Ik moest toch eens proberen om naar het toilet te gaan. Ik kan u zeggen, beste lezer, dat was een enorme uitdaging. Een uitdaging die gewaagd was aan de bevalling zelf. Ik had een knip gekregen, maar was ook gescheurd tot op (inclusief dus) de bekkenbodemspieren. Ik treed niet verder in details, maar recht gaan zitten was al pijnlijk. Laat staan wandelen tot aan het toilet, en daar nog eens gaan zitten en nog terug te keren ook. Bovendien was mijn bloeddruk nog niet hersteld. Resultaat: met de nodige steun geraakte ik er, maar men is mij op het toilet mogen komen oprapen omdat ik niet meer recht kon blijven. Pijnlijk. Genant. Niet echt wat je je voorstelt bij de roze wolk van het moederschap…

De dag verliep verder in een waas. Ik was in shock, ik kan het moeilijk anders omschrijven. Ik kon absoluut niet vatten wat er allemaal was gebeurd die nacht. De familie kwam op bezoek, maar ik beleefde dat in een waas. Achteraf kon ik mij amper herinneren wie er was geweest of wat er was gezegd.

19 mei 2017: 1 dag verder. Ons meisje had wat problemen met haar bloedwaarden, en moest dus onder de lamp. klinkt niet zo erg, maar ik vond dat verschrikkelijk. Bovendien had Elise problemen om haar darmen op gang te krijgen (veel krampjes). Resultaat: een huilende baby onder de lamp, en van de vroedvrouwen mocht ik haar niet bij mij nemen om te troosten. Want dan kon ze het licht van de lamp niet genoeg absorberen. Uiteindelijk gingen papa en ik toch afwisselend even bij haar, om toch te laten merken dat ons meisje niet alleen was. Pijnlijk, hartverscheurend. Die nacht hebben de vroedvrouwen uiteindelijk Elise bij mij in bed gelegd, en de lamp op ons allebei gericht. Allebei met een oogmasker op (want dat licht is schadelijk voor de ogen), allebei onder de lamp. Maar toen sliep Elise wel. Dicht bij mama was het ineens allemaal beter te verdragen.

21 mei 2017: Elise mocht onder de lamp uit. Ze bleek plots toch een vrij rustige baby, die in haar bedje kon slapen en een geruste ziel bleek te hebben. Er was hoop. Nog 2 dagen en we zouden naar huis gaan, en we waren er klaar voor.

Die eerste weken waren overweldigend. Allebei (mijn vriend en ik) op zoek naar onze nieuwe rol als ouders en in een nieuwe soort relatie. Opgesloten in ons coconnetje, en we waren niet happig om dat te doorbreken. Ons meisje weende wel regelmatig en was vooral blij als ze bij ons lag, maar volgens de dokter was alles in orde. En dus ging, na ongeveer een maand, mijn vriend terug aan het werk. Ik was intussen al wat hersteld van de bevalling, en kon toch al een wandeling van een tiental minuten maken. Bovendien was er de kraamhulp, die ik eeuwig dankbaar zal zijn voor haar praktische en emotionele hulp. 1 of 2 dagen per week iemand over de vloer krijgen die boodschappen doet, eten maakt, … Het bleek een rekening te zijn die ik met de glimlach heb betaald. Elke cent waard.
Maar het bleek veel lastiger dan gedacht. Elise weende meer en meer en bleek last te hebben van een verborgen reflux. Medicatie werd opgestart, maar dat heeft allemaal redelijk wat tijd in beslag genomen. En Elise, die was blij als ze niet plat moest liggen, maar door mama of papa werd rondgedragen. Zelfs gaan zitten nadat ze in je armen in slaap was gevallen, was een berekend risico. De komst van de kraamhulp bleek het ideale moment om even de zorg uit handen te geven en rustig te gaan douchen. Douchen was plots een soort van vijfsterrenvakantie (tip voor elke mama van een huilende baby: neem een douche ipv een bad. Door de douchestralen hoor je het gehuil even niet, en kan je dus beter in je eigen wereldje kruipen. Al was het maar voor 5 minuten).

Maar we zijn er door gekomen, en tegen de tijd dat ik terug moest gaan werken was de rust een beetje teruggekeerd. Die paar weken voor ik terug moest beginnen, kon ik pas echt beginnen genieten van het moederschap. Maar stiekem was ik ook blij om terug te kunnen gaan werken. Want enerzijds kon ik genieten van tijd alleen met onze dochter, maar tegelijkertijd snakte ik terug naar een iets grotere wereld. Naar terug wat sociale contacten. Naar terug kunnen praten over iets anders dan pampers, baby’s, en reflux. Om dan uiteindelijk op het werk ook vooral over die dingen bezig te zijn, maar soit, dat is weer iets anders 😉

Sindsdien is er zoveel gebeurd. Lastige periodes, waarin Elise ziek was en dus mama en papa gegarandeerd volgden met hetzelfde virusje. Weken waarin er hier in huis niemand echt gezond was, en het gewoon ploeteren was tot het voorbij was. Slechte nachten, waarbij het concept ‘vermoeidheid’ een nieuwe dimensie heeft gekregen. Onzekerheden, periodes waarin ik mij de slechtste mama ter wereld heb gevoeld omdat mijn baby met iets zat en ik niet wist of en hoe ik haar kon helpen.
Maar ook mooie periodes. Momenten waarop ik zelf het gevoel had dat alles gewoon klopte. Momenten waarop de puzzelstukjes van ons gezin vlekkeloos in elkaar leken te vallen. Dagen waarop alles gewoon even lukte zoals gehoopt. Geluk zit in kleine dingen, dat merk je als je mama bent. Een dag waarop we gewoon goed konden slapen, waarop Elise flink dutjes deed en er ’s avonds vers eten op tafel stond, werd zowat het ideaalbeeld van de perfecte dag. Nog steeds zijn dat de dagen waarop ik het meest van alles kan genieten. Geen spectaculaire zaken, maar gewoon dagen waarop alles niet zoveel moeite kost. Dan juich ik vanbinnen over de kleine overwinningen die ik heb behaald (hoera! Vers voedsel op tafel…. Hoera! Eindelijk toch eens iets kunnen kuisen… Hoera! Het gevoel van mijn dochter echt te begrijpen en met haar te kunnen communiceren. Hoera! Even tijd voor een vers tasje warme koffie ’s morgens. En zo kan ik nog even doorgaan, je snapt het concept wel).

En nu zijn we een jaar verder. Ons meisje verandert stilaan in een echte peuter. Ze maakt duidelijk wat ze wil (en wat ze niet wil), en begint de wereld steeds beter en beter te begrijpen. Een wonder, als je denkt aan hoe hulpeloos ze ter wereld komen…
Ik zelf ben nog steeds bezig aan mijn postnatale kinesitherapie. Mijn buik staat nog steeds vol zwangerschapsstriemen. En mijn bekkenbodemspieren zijn intussen al flink terug getraind, maar zullen wellicht altijd een zwakke plek blijven. Dus ja, een zwangerschap en bevalling eist zijn tol. Ik zie in mijn omgeving dat dat niet altijd het geval moet zijn. Dat sommige vrouwen probleemloos zwanger zijn, vlot bevallen en moeiteloos in hun nieuwe rol groeien. Dat niet elke baby zoveel weent, en dat het niet standaard is dat een baby alleen tevreden is in een draagdoek of op de arm. Het is confronterend, omdat je dan ziet dat het ook anders kan. Maar het geeft ook steun. Want nee, het is dus niet abnormaal dat we het zo vermoeiend vonden. En nee, het is niet abnormaal dat ik mij soms abnormaal heb gevoeld. Het was (en is soms nog steeds) lastig. Vermoeiend, zwaar, mentaal uitputtend. Dat mag gezegd worden. Die roze wolk van het moederschap heb ik een beetje gemist, ook al zie ik mijn meisje doodgraag en zou ik alles doen om haar te beschermen tegen alle kwaad in de wereld. Maar als mijn meisje lacht, vergeet ik dat. Dat maakt iets los waarbij ik alle problemen (toch voor even) vergeet. Geeft mij terug de energie om er tegenaan te gaan.
1 jaar gedaan, nog vele te gaan…. Ik kijk er naar uit. Met een bang hartje, dat geef ik toe. Want je kan als ouder zoveel verkeerd doen, en je hebt niet alles in de hand. Maar ik kijk er naar uit om samen met ons meisje de wereld te verkennen. Door kinderogen deze keer, want dat geeft toch een heel ander zicht. Ik kijk er naar uit om haar verder te laten groeien en de weg te wijzen naar het juiste pad. Of om haar toch alles aan te reiken waardoor ze zelf dat juiste pad kan kiezen. En ik zal haar volgen op die weg, en haar opvangen als het nodig is. Want dat is nu eenmaal wat mama’s doen.

11 maanden… De tijd vliegt.

Morgen zijn we 18 april. Onze kleine baby wordt dan al 11 maanden. Met andere woorden: binnenkort blaast ze haar eerste kaarsje uit. Ik moet eerlijk zeggen dat ik mij daar zelf nog serieus op moet voorbereiden, op praktisch én op mentaal vlak.

Praktisch vlak: de logistiek is geregeld, dat wil zeggen: de locatie van de verjaardagsfeestjes voor de familie ligt vast (lang leve de grootouders!). Dat scheelt dus al. Maar nog niet geregeld: de verjaardagstaart. Ik heb mij namelijk voorgenomen die zelf te bakken, ahum. Nu heb ik intussen wel wat ervaring met het bakken van simpele koekjes en taarten, maar natuurlijk wil ik mijn dochter niet gewoon een gezonde haverkoek als verjaardagstaart geven. Nee, dat moet een taart worden met alles erop en eraan, versiering inclusief. Zo een waarvan er een miniversie voor Elise zelf is, en een grote voor de rest, zodat Elise zelf haar eigen taartje kan opsmullen. In theorie heb ik het dus al helemaal bedacht. Nu alleen de praktijk nog… Bovendien zijn in mijn familie de voedselintoleranties nogal aanwezig, dus wil ik die taart ook nog eens gluten – en lactosevrij maken. Kwestie van iedereen van de taart te kunnen laten meesmullen. En kwestie van het nog een beetje uitdagender te maken 😉
Om dan nog maar te zwijgen van de kroon, de slingers, en alles anders dat er nog bij komt kijken. Maar goed, een maand is nog lang, nietwaar?

De voorbereiding op mentaal vlak is ook nog niet in orde: ik begrijp nog altijd niet dat ons klein baby’tje zo snel groot wordt. Het lijkt wel gisteren dat ze geboren werd. En langs de andere kant ben ik precies al vergeten hoe klein ze is geweest. Op een babyborrel afgelopen week (het kindje was 6 weken jong) was ik compleet in shock dat Elise ook zo klein is geweest. We zien haar nog altijd als onze baby, maar als ik dan bedenk dat ze 11 maanden geleden in die minikleertjes paste die nu op de stapel liggen om op te ruimen, vraag ik mij soms af wanneer ze zo hard is gegroeid, en of ik dat niet allemaal heb gemist? Ons kindje is al een echt persoontje aan het worden, die duidelijk maakt wat ze wil, wanneer ze het wil… Een vrolijke baby die als ze wakker wordt ’s morgens lachend begint rond te kruipen in haar bedje en je met haar breedste glimlach begroet als je de kamer binnenkomt. Een minimensje dat superblij wordt als mama en papa samen met haar met de blokken spelen. Een meisje dat dolblij begint te schaterlachen als er iets grappigs op tv verschijnt (Bumba blijft een winner, maar ook BabyTV blijkt veel successen in petto te hebben). En een klein wondertje dat ’s avonds voor ze gaat slapen ervan geniet om nog even met mama en papa in de zetel te liggen en wat tv te kijken. Soms ligt ze zelf helemaal alleen in de zetel… Wat ze duidelijk van mama en papa heeft afgekeken. Kortom: ze wordt (te) snel groot.Ik heb nog een maand om mezelf mentaal klaar te stomen voor haar eerste verjaardag. Komt goed, denk ik 😉

Zelf heb ik momenteel een klein probleem op fysiek vlak. Door nieuwe steunzolen die ik ben gaan dragen (en die blijkbaar niet 100% goed afgesteld waren), heb ik een slijmbeursontsteking aan mijn achillespees opgelopen. En omdat rusten bij mij nogal moeilijk is (op het werk loop ik bijna constant rond, en ook thuis vind ik het zeer moeilijk om in mijn zetel te blijven hangen) heb ik dat nog wat extra geforceerd en is mijn achillespees zelf ook gaan ontsteken. Nu heb ik dus geen andere keus, en moet ik wel goed rusten om nog erger te voorkomen. Gelukkig heb ik een flexibele werkgever en kan ik van thuis uit werken. Want ik kan u zeggen: thuis in de zetel zitten terwijl ik (op mijn voet na) perfect gezond ben, is niets voor mij. Het is dan voor mijn eigen mentale gezondheid en het welzijn van mijn huisgenoten beter als ik mij toch nog wat nuttig kan maken. En die extra dagen thuiswerk geven mij de kans om even een inhaalbeweging te doen en op werkvlak een aantal zaken in orde te brengen die al een tijdje op mijn to do – lijst staan. Thuis krijg ik immers dubbel zoveel werk gedaan als op kantoor. Maar goed, onder de mensen komen is ook wel fijn, dus hopelijk volgende week terug volop actief (of toch actief genoeg om te gaan werken…).

Wordt vervolgd!